maandag 27 september 2010

Hulde aan de jarige



Vandaag viert Google zijn 12e verjaardag! Even mijmerend over hoezeer Google mijn internetgebruik beïnvloedt vind ik het eigenlijk onvoorstelbaar kort. Ik denk terug aan de workshop "Zoeken op internet" die ik een jaar of tien geleden volgde bij mijn eerste baan op de Openbare Bibliotheek Nijmegen. Daar vertelde een collega over Google: zo'n handige zoekmachine, met een heel leeg scherm en één zoekbalk, die zulke goede resultaten leverde. Nu lijkt het al of een hele generatie googelend is opgegroeid, en zijn bijna alle Googlediensten de makkelijkste en best werkende op hun gebied. Dat blijf ik bijzonder knap vinden.

donderdag 16 september 2010

How to be linked in


Bij het bijwerken van mijn Google Reader kom ik twee stukjes tegen over LinkedIn: één van Mijns Inziens en één berichtje in de Volkskrant. Het laatste stukje meldt dat LinkedIn inmiddels twee miljoen Nederlandse gebruikers telt.

LinkedIn is de enige sociale netwerksite waarop ik actief ben; Hyves of Facebook laat ik gaarne aan mij voorbij gaan. Het idee dat ik erbij heb is dat LinkedIn cleaner, professioneel en meer afstandelijk is. Ik heb niet zo’n zin in het bekijken van profielen waarin mensen hun escapades in de kroeg uitdragen. Gewoon een fotootje en een keurige beschrijving. En je hebt er tenminste wat aan.

Maar daar heb je het al: wat heb je eraan? Het kan professionele meerwaarde hebben, maar veel mensen zijn toch vooral passief gebruiker. Ik ben lid van een aantal groepen, maar houd matig bij wat daar gebeurt en voel me nog niet geroepen om er aan bij te dragen. Daarnaast is het altijd een beetje een vraag voor mij wat je netwerk precies is. Ik ken mensen met honderden LinkedIn-contacten, maar kun je die echt bijhouden? Ooit heb ik heel brutaal iemand uitgenodigd aan wie ik me eigenlijk alleen had voorgesteld op een borrel. Mijn uitnodiging werd nog geaccepteerd ook, maar ik voelde me een beetje een oplichter. Er prijken ook wat mensen van school en studie in mijn lijstje, waarvan ik sommige al in jaren niet gesproken. Dan wissel je een paar mailtjes uit en wordt het toch een soort Hyves. Met stropdassen.

Wel merk ik dat ik, wanneer ik nieuwe mensen heb leren kennen, al snel even kijk of ze al in LinkedIn staan. En zelfs een beetje teleurgesteld ben als ze dat niet zijn; “tsss, die gaan ook niet met hun tijd mee”. Blijkbaar heb ik toch het gevoel dat deze manier van netwerken erbij hoort, en zoals alle vormen van netwerken brengt het bepaalde eigenaardigheden met zich mee. Het kan allemaal nog makkelijker, bijvoorbeeld met een goede RSS-feed. Maar het is het meest zichtbare visitekaartje dat ik me kan bedenken.

maandag 30 augustus 2010

Gefeliciteerd, HAN-Medewerker van het jaar!


Wat is het toch leuk als mensen die het verdienen in het zonnetje worden gezet! Bij de opening van het studiejaar afgelopen donderdag reikte de voorzitter van het CvB van de Hogeschool van Arnhem en Nijmegen de prijs voor HAN-Medewerker van het jaar 2010 uit. En de prijs ging naar mijn oud-collega Arjan Doolaar.

Behalve als leuke en zeer collegiale collega, met wie het erg goed het 3FM-popduel spelen is, ken ik Arjan als een inspirerende informatiespecialist. Maar weinig informatiespecialisten in het onderwijs die ik ken zijn zo goed ingespeeld op de praktijk van de opleidingen waar ze voor werken, en weten zulke creatieve invalshoeken en oplossingen aan te dragen.

Uit het juryrapport:
...Volgens studenten en medewerkers blinkt Arjan uit door zowel zijn vakkennis als zijn interesse in en kennis van opleidingen waar hij voor werkt en de daarbij behorende beroepen. Hij is proactief en weet zijn enthousiasme over te brengen op anderen.

Intern is hij steeds op creatieve manier op zoek naar methoden om het gebruik van het studiecentrum te stimuleren, omdat hij ervan overtuigd is dat dit de kwaliteit van de opleidingen ten goede komt. Ook docenten en studenten zien dat Arjan hiermee een enorme impuls geeft aan de kwaliteit van het onderwijs.

Met zijn creatieve oplossingen en proactieve houding weet Arjan een synergie te bereiken tussen het onderwijs en het studiecentrum. Hij geeft een unieke invulling aan zijn rol. Hij doet steeds net iets meer dan de klant vraagt en overtreft steeds ruim de verwachtingen. Arjan is al met al een zeer gewaarde collega die werk levert met veel resultaat!

Mooier kan ik het niet zeggen. Gefeliciteerd Arjan!

Bron: website Studiecentra HAN

Berlijn in 't klein

Bij het bekijken van dit filmpje dacht ik eerst dat een overijverige Märklin-hobbyist bezig was geweest, maar het blijkt dat je toch heus echte Berlijners ziet rondscharrelen. Door een bepaalde opnametechniek (Tilt Shift) heeft de maker dit mooie effect bereikt. Een mooie ode aan één van de meest plezierige en fascinerende steden die ik ken, en een prachtig voorbeeld hoe je met creativiteit de wereld er compleet anders uit kunt laten zien.

Little Big Berlin from pilpop on Vimeo.



Via

vrijdag 20 augustus 2010

De eerstejaars komen weer


Het is weer bijna zover: een nieuw collegejaar begint. Hordes nieuwe studenten zijn nu nog de stad onveilig aan het maken en zullen zich volgende week op de faculteit melden. Hier in de mediatheek worden eerstejaars studenten ontvangen met een introductieles.

Dit is mijn tweede baan als informatiespecialist op een hogeschool waarin ik deze introductielessen geef. Het gaat hier wel een beetje anders dan op mijn vorige werkplek: daar stond ik vooral voor de klas om iets te vertellen en te presenteren, terwijl ik hier de studenten met een oefening aan het werk kan zetten en daarnaast een film kan laten zien over de mediatheek.

Volgende week zal ik echt ervaren hoe dit uitpakt. Toch merk ik dat ik er weer een beetje tegenaan hik. Het eerste jaar dat ik deze lessen gaaf vond ik het spannend en had ik er best plezier in. Het tweede jaar was het vooral doorbuffelen. Het derde jaar pakte ik het heel anders aan, wat een stuk minder tijd kostte en best prettig werkte.

Mijn idee over de aanpak hier is dat het betrekkelijk weinig energie zal kosten, maar wel aardig wat tijd. Daarnaast vraag ik me ook af wat het resultaat van deze lessen daadwerkelijk is. In juni was ik bij een bijeenkomst van de NVB voor informatievaardigheden in het HBO, en daar hoorde ik dat veel instellingen tijd in deze lessen steken als onderdeel van informatievaardigheden. Maar maakt het daar daadwerkelijk deel van uit? We hebben hier al een lesprogramma met informatievaardigheden. Veel eerstejaars zullen zich een aantal weken na hun introductie alweer in de mediatheek melden voor hun eerste infovaardighedenles.

Volgens mij is bij de meeste hogeschoolbibliotheken en –mediatheken de gedachte dat je met deze lessen in elk geval de studenten een keer binnenhaalt en laat zien dat de mediatheek er is. Toch krijg je nog regelmatig studenten aan de balie die moeten afstuderen en met een blosje bekennen dat ze nog nooit hier zijn geweest. Als eerstejaars krijg je al een gigantische hoeveelheid informatie en indrukken te verwerken. De mediatheek staat dan, helaas, meestal niet op de eerste plek in het rijtje.

We gaan er volgende week weer mee aan de slag, maar in voorbereiding op het studiejaar 2011-2012 is het de moeite waard om over andere vormen na te gaan denken. Filmpjes en screencasts vormen mooi introductiemateriaal, dat we mooi via bijvoorbeeld de website of intranet kunnen aanbieden. Met wellicht ook een mooi resultaat.

dinsdag 20 juli 2010

Utrecht


Een nieuwe woonplaats is altijd even wennen. Ten eerste het huis, dat nog vol staat met dozen en waar ik constant op zoek ben naar van alles (zo heb ik nog steeds mijn wekker niet kunnen vinden). Daarnaast een heel nieuwe omgeving. Vanochtend fietste ik voor het eerst naar mijn werk en zag een heel andere stad om me heen.

Mijn oude woonplaats staat deze week goed in de belangstelling, en dat brengt wel wat scheuten van weemoed naar boven. Gelukkig maakt mijn nieuwe woonplaats de laatste tijd goed reclame voor zichzelf. Aan die stad kan ik ook best wennen.

woensdag 2 juni 2010

Catablogus


We kunnen er nog zoveel werk in steken: een bibliotheekcatalogus blijft meestal een statisch en saai ding. Handig om snel even te zoeken, maar kraak noch smaak. Daarnaast heb je nog een website, als showcase van alle mooie mogelijkheden die je als bibliotheek te bieden hebt. Bij ons bijvoorbeeld is die (uiteraard) gekoppeld aan de HU-website en volgt ook de huisstijl. Daar is natuurlijk wel wat voor te zeggen: we maken ten slotte onderdeel uit van een grotere organisatie die één gezicht naar de buitenwereld wil tonen. Dat is ook voor de student en medewerker gemakkelijk en herkenbaar. Echt dynamisch wordt het er niet van.

Op Bibliotheek 2.0 las ik een bericht van Kris De Winter van de Openbare Bibliotheken Provincie Antwerpen. Zij zijn bezig met een website/catalogus in de vorm van een WordPress-blog met daarachter een aquabrowser. In de begeleidende blogpost legt Kris uit wat de bedoeling achter deze opzet was:

Our job at the PBC is to build and maintain a centralised library system for a group of municipal public libraries (currently about 40 of them), thus creating cost efficiencies and reducing the individual workload of each library.(...)
We think it’s useful to combine both in one website/interface: Library users need only consult one website + we’re quite wild about the possibilities it gives us for digitally showcasing the library’s materials, the possibility of interacting with customers etc. Even nowadays, most libraries still make do with some static pages on the city’s website and an old-fashioned search system. With our system we also want to stimulate and empower libraries to do more.

In de betaversie ziet het er geweldig uit. Ik vind zelf aquabrowsers mooi en handig, maar dat is nog niet eens het belangrijkste punt. Vooral de simpele opzet en de flexibiliteit vind ik mooi, en de mogelijkheid voor elke bibliotheek om eigen content toe te voegen. Voor openbare bibliotheken, zeker in een opzet zoals in Antwerpen met een groot aantal kleine bibliotheken in één organisatie, is het een fraaie optie. Voor ons als hogeschoolmediatheek wordt het lastiger; zoals gezegd zitten we toch vast aan de webstructuur van een grotere organisatie.

Ik wil dit toch wel in de gaten houden. Er wordt, in bibliotheken en onderwijs, zoveel tijd en geld gestoken in websites en digitale werk- en leeromgevingen, die je mogelijkheden enorm vast timmeren en (naar mijn bescheiden mening) absoluut niet optimaal worden gebruikt. Iedereen worstelt met de beste manieren om alle mooie bronnen die je bieden hebt op een juiste manier onder het voetlicht te brengen, om nieuws en ideeën te kunnen uitwisselen, om je gebruiker te bereiken én te betrekken. De PBC Antwerpen laat zien dat je met redelijk simpele middelen een prachtig en flexibel systeem kunt neerzetten.

Kudos!

dinsdag 1 juni 2010

Ca-ca-ca-catalog

Nog op zoek naar een leuk idee voor een filmpje voor je bibliotheek? Voor introductielessen of informatievaardigheden? De bibliothecarissen in opleiding en hun docenten van de University of Washington Information School pakken het aan op zijn Gaga's. Groovy!



Via

donderdag 27 mei 2010

De revolutie der sociale media

Onderstaand filmpje is een mooie weergave hoe snel de wereld verandert dankzij sociale media. Vooral gericht op bedrijven, maar voor onderwijs en bibliotheken, waar naar mijn idee zo velen zich (nog) niet bewust zijn van snelheid en impact van deze ontwikkeling, ook goed om te zien.



Via

Voornamen in kaart


Na de achternamen zijn nu ook voornamen gekoppeld aan de kaart van Nederland. De insteek is natuurlijk wel een beetje anders, al was aan de kaarten van het Meertens Instituut ook vaak te zien uit welke regio de naam oorspronkelijk kwam. Het rapport van Gerrit Bloothooft geeft weer dat er regionale patronen zijn te ontdekken in de namen die ouders aan hun kinderen geven.

Interessant om te lezen. Het gaat om namen die sinds 1983 zijn gegeven, dus ik val er niet onder. Toch vraag ik me meteen af of ik in het plaatje pas. Lastig wel, met een vader die Achterhoeker en een moeder die Noord-Hollandse is. En ik ben geboren in de Gelderse Vallei, behorend tot het gebied dat Strange Maps zo mooi omschrijft:

In spite of its reputation for moral laissez-faire, the Netherlands also has a Bible Belt – a mainly rural area where Christian fundamentalism remains an important element in the public sphere.


Via